Hoe je jouw kind kan helpen sportief te zijn, of ze nou winnen of verliezen
Voor veel kinderen draait het bij spelletjes en sporten om plezier maken met familie, vrienden en teamgenoten. Voor anderen kan het veel intenser aanvoelen. Als ze winnen, voelen ze zich alsof ze de hele wereld aankunnen. Maar als ze verliezen, voelen ze zich ellendig.
Heeft jouw kind moeite met verliezen of met het spelen van spelletjes of sporten? Je bent niet de enige. Misschien vraag je je af waarom je kind van streek raakt, huilt, een driftbui krijgt, zich agressief gedraagt of wegstormt als het verliest. Of wat je moet doen als jouw kind vals speelt, excuses verzint als het verliest, andere spelers onterecht beschuldigt van vals spelen, of oneerlijke beslissingen of omstandigheden de schuld geeft van verliezen.
Moet je jouw kind laten winnen om de vrede te bewaren? Weigeren om met hem of haar te laten spelen? Je kind aan de kant laten zitten totdat hij of zij gekalmeerd is? Hem of haar alleen spelletjes laten spelen waarbij je samenwerkt en er geen winnaars of verliezers zijn? Er is geen simpel antwoord en elk kind is anders. Soms kunnen deze reacties kinderen helpen om zelfvertrouwen op te bouwen, de gevolgen van hun daden te leren of een nodige pauze te nemen van sporten en spelletjes. Maar als je ze te vaak gebruikt en kinderen niet leert sportief te zijn, kunnen ze per ongeluk meer kwaad dan goed doen. Haal de nadruk van winnen af, beloon goed gedrag, geef een goed voorbeeld van sportiviteiten help je kind om te gaan met heftige emoties. Zo kan je jouw kind leren hoe ze sportief kunnen zijn en het plezier terug kunnen krijgen tijdens het spelen.
De kunst van sportiviteit voor kinderen
Als kinderen het leuk hebben tijdens sporten met anderen, is dat goed voor hun sociale en emotionele ontwikkeling. Het helpt hen ook om zelfvertrouwen op te bouwen en sterke relaties te ontwikkelen met familie, vrienden en hun gemeenschap. Sporten, of dat nu thuis, op school of ergens anders is, is ook goed voor de lichamelijke en mentale gezondheid van kinderen.
Stel je voor dat je kind zich aan de spelregels houdt en sportief reageert – bij winst, verlies of gelijk spel– of het nu gaat om een bordspel thuis, een voetbalwedstrijd op school, een basketbalwedstrijd in het plaatselijke park of georganiseerde teamsporten. Hoe kan dat eruit zien?
Sportief zijn kan betekenen dat je de winnende speler of het winnende team feliciteert zelfs als je teleurgesteld of gefrustreerd bent omdat je hebt verloren. Sportief zijn kan ook betekenen dat je je teamgenoten aanmoedigt en dat je de beslissing van de scheidsrechter ook accepteert als je het er niet mee eens bent. Het kan betekenen dat je met respect verliest en bescheiden blijft als je wint. Of het kan betekenen dat je trots bent en geniet van de overwinning zonder het er bij andere in te wrijven of op te scheppen. Het kan betekenen dat je ervan geniet om als een team te spelen, je tegenstandersmet respect behandelt, anderen niet naar beneden haalt, op zoek gaat naar de positieve kanten en leert van de negatieve kanten.
Hoe je slechte verliezers en slechte winnaars kunt helpen
Spelletjes, sport en wedstrijden kunnen voor veel kinderen en ouders zorgen voor plezier en trots. Er kunnen problemen ontstaan als de nadruk op winnen ligt. Dit geldt zowel voor jonge kinderen als voor tieners. Onderzoek toont aan dat veel kinderen stoppen met sport omdat het te competitief en te serieus wordt en niet meer leuk is. Uit een onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat 70 procent van de jonge sporters op 13-jarige leeftijd stopt met georganiseerde sport.1
Als kinderen, ouders, leerkrachten en coaches evenveel aandacht besteden aan de voordelen van lichaamsbeweging, vaardigheden leren, samenwerken, vriendschap en plezier als aan winnen, doet dat kinderen – en vaak ook de uitslag – goed.
Een manier om jouw kind te leren dat “het niet gaat om winnen of verliezen, maar om hoe je het spel speelt”, is door positieve bekrachtiging te gebruiken . Dit betekent dat je jouw kind op een bij jou passende manier complimenten geeft wanneer hij of zij zich sportief gedraagt. Dat moedigt jouw kind aan om dit vaker te doen. Dit kan klinken als:
- “Het is zo leuk om met je te spelen.”
- “Je houdt je zo goed aan de regels – ik vind het heerlijk om dit spel met je te spelen.”
- “Het is geweldig dat je de bal deelt met je teamgenoten.”
Als ouders en verzorgers een goed voorbeeld geven van sportiviteit tijdens het spelen van spelletjes of het kijken naar sport, weten kinderen beter wat ze moeten zeggen en doen als ze spelen. Dit kan bijvoorbeeld zijn:
- Tijdens een wedstrijd met je kind zeggen: “Wauw, je bent een lastige tegenstander, ik vind het leuk om uitgedaagd te worden.”
- Na een wedstrijd met je kind zeggen: “Goed gespeeld” en elkaar de hand schudden, of je nu wint of verliest.
- Tijdens het kijken naar sport zeggen: “Ik ben het niet eens met de beslissing van de scheidsrechter, maar je moet het accepteren en blijven spelen.”
Omgaan met heftige emoties tijdens spelletjes en sport
Spelletjes spelen en sporten kan spannend zijn! We vinden het allemaal leuk om onze favoriete teams aan te moedigen en het gevoel dat bij winnen hoort te ervaren. En we weten allemaal dat het vreselijk voelt om te verliezen. Winnen voelt goed, verliezen minder. Dit zit in ons, en dat is oké.
Help je kind begrijpen dat verliezen niets is om je voor te schamen. Alle gevoelens komen en gaan, het is oké om teleurgesteld te zijn. Zo help je jouw kind bij het ontwikkelen van vaardigheden om met emoties om te gaan. Het versterkt ook je band met je kind en helpt jullie dichter bij elkaar te komen, wat zijn of haar mentale gezondheid verbetert.
Help je kind te begrijpen dat het oké is om te huilen of je verdrietig, teleurgesteld, gefrustreerd of zelfs boos te voelen omdat je hebt verloren – maar dat het niet oké is om anderen uit te schelden, boos weg te lopen, agressief te zijn of je zo te gedragen dat anderen gekwetst worden. In plaats van hun gevoelens af te wimpelen, te negeren, te bekritiseren of te proberen ze ‘op te lossen', kun je proberen ze te steunen met zinnen als:
- “Het is oké om je verdrietig/gefrustreerd te voelen omdat je hebt verloren” (werkt het beste in combinatie met een knuffel of een schouderklopje).
- “Ik weet dat je die race/wedstrijd heel graag wilde winnen. Het is oké om te huilen, ik ben er voor je.”
- "Verliezen kan frustrerend zijn. Ik ben echt trots op hoe je vandaag hebt gespeeld."
Het kan ook helpen om te laten zien hoe je zelf met heftige gevoelens omgaat:
- “Ik raak gefrustreerd van deze wedstrijd. Ik ga drie keer diep ademhalen om rustig te worden.”
- “Ik wilde die wedstrijd heel graag winnen! Ik denk dat ik een knuffel nodig heb.”
- “Ik ben een beetje verdrietig dat ik verloren heb. Ik ga misschien even wandelen. Ga je mee?”
Soms heeft je kind het moeilijk als anderen niet eerlijk spelen of zich niet aan de regels houden. Als iedereen weer rustig is, kan het helpen om je in te leven in de situatie en samen met je kind naar een oplossing te zoeken :
- “Het is frustrerend als anderen zich niet aan de regels houden. Wat denk je dat kan helpen?”
- “Dat klinkt inderdaad oneerlijk. Heb je geprobeerd er rustig over te praten?”
- “Je hoeft niet door te spelen als anderen zich niet aan de regels houden. Wat zou je in plaats daarvan kunnen doen?”
Met een beetje liefde, geduld en positieve opvoedingsstrategieën achter de hand kun je je kind helpen de vaardigheden te ontwikkelen die het nodig heeft om sportief te zijn – nu en in de toekomst.
Leer meer over positief opvoeden via onze online programma’s
Positief Opvoeden, Triple P kan helpen met opvoedtips om de veerkracht en welzijn van je kind(eren) te stimuleren.
- Voor ouders van kinderen tot 12 jaar kan Positief Opvoeden Online helpen.
- Voor het begeleiden van tieners krijg je tips op Positief Opvoeden Online Tieners.
Referenties
- Joel S. Brenner, Council on Sports Medicine and Fitness; Sports Specialization and Intensive Training in Young Athletes. Pediatrics september 2016; 138 (3): e20162148. 10.1542/peds.2016-2148. https://doi.org/10.1542/peds.2016-2148