Stijn durft weer zichzelf te zijn!

Stijn is een ontzettend lieve en slimme jongen. Hij houdt van lezen en het is echt een denkertje. Maar lezen en graag alles willen weten is niet stoer en hij wordt vaak niet begrepen door zijn klasgenootjes. Hij heeft wel vriendjes, maar ook die snappen hem niet altijd. En op school merk je toch dat kinderen onder elkaar erg hard voor elkaar kunnen zijn.

Ik kwam Stijn een keer van een feestje halen en vond hem toen ergens achter in de kamer, in zijn eentje, terwijl alle kinderen samen lol hadden. Toen ik hem vroeg waarom hij niet meedeed, zei hij dat hij daar geen zin in had en dat hij daarom de hele middag in de hoek had gezeten. Als moeder breekt je hart dan echt! Ik zag dat hij dolgraag mee wilde doen, maar buitengesloten werd. Je wilt hem zo graag helpen, je wilt al die kinderen duidelijk maken dat ze het zelfvertrouwen van je kind kapot maken, terwijl het een geweldige vent is. Stijn wilde niet meer naar verjaarspartijtjes en nam geen vriendjes meer mee om thuis te spelen.

Toen ben ik naar het Ouder & Kindcentrum bij ons in de buurt gegaan. Daar hebben Stijn en ik dankzij de methode Positief Opvoeden geleerd hoe we met het pesten om kunnen gaan.

Stijn wilde eerst helemaal niet praten over pesten. Hij vond ook niet dat hij gepest werd omdat er geen dingen van hem afgepakt werden of omdat hij niet geslagen werd. Maar buitensluiten is ook pesten, net als iemand uitschelden. Volgens mij schaamde Stijn er zich ook voor, hij dacht dat het aan hem lag. Ik heb Stijn eerst uitgelegd dat pesten niet mag en dat wij samen er voor gingen zorgen dat het op ging houden. Dat kan alleen maar door samen met de leerkracht, alle kinderen in de klas en de ouders van de pestkoppen samen te werken om het pesten aan te pakken. In de klas hebben ze afgesproken dat het goed is om aan de juf te vertellen als weer gepest wordt. Melden dat er gepest wordt is echt wat anders dan klikken. Verder hebben we samen bedacht wat hij zelf nog kon doen. Daarvoor hebben we samen gekeken wat er precies gebeurde, wanneer het vooral gebeurde en hoe hij erop reageerde. Toen hebben we samen manieren bedacht waarop hij ervoor kan zorgen dat hij wel mee mag toen. We hebben dat samen thuis geoefend. Bijvoorbeeld dat hij moest vragen of hij mee mocht spelen. Als hij dit dan op school probeerde beloonde ik hem altijd daarvoor, ook als hij dan een onaardig antwoord van de kinderen kreeg. Ik leerde hem dat hij al geweldig was omdat hij het vroeg.

Hij leerde dat als hij op een zelfverzekerde manier zei: “ik doe ook mee”, hij gewoon mee mocht doen. Hij kreeg weer zelfvertrouwen en straalde dat ook uit. Nu durft Stijn weer zichzelf te zijn en wordt hij hiervoor gewaardeerd!